EU-burgers in gesprek over staatsburgerschap en kiesrecht

Als je  in Nederland woont en werkt als ingezetene, maar uit ander Europees land komt, mag je alleen stemmen tijdens gemeenteraadsverkiezingen. Stemmen voor Provinciale Staten en de Tweede Kamer kan dus niet. Reden voor een debat met EU-burgers uit de regio in onze stad waarbij men de voor- en tegenargumenten of eventuele eisen voor (Europees)staatsburgerschap in Nederland verzamelt voor ander beleid vanuit Brussel.

Een ingezetene is iemand die in een land woont en werkt en burgerlijke plichten zoals belastingen betalen vervult. Hierdoor mag je na een bepaalde periode stemmen tijdens de gemeenteraadsverkiezingen. Toch wil dat niet zeggen dat je landelijk en provinciaal kiesrecht hebt. Daarvoor moet je de Nederlandse nationaliteit aannemen en je andere nationaliteit opgeven, mits je niet met een Nederlander bent getrouwd en deze automatisch verkrijgt. Echter, in de praktijk willen de meesten hun andere nationaliteit niet opgeven.

Toekenning van kiesrecht aan ingezeten EU-burgers

De vraag is dus of je als Europa niet een Europees staatsburgerschap moet toekennen aan EU-burgers zodat zij in het Europese land waar ze wonen hun stem bij landelijke verkiezingen mogen uitbrengen. Direct kiestrecht verlenen heet dat. Of dat je bijvoorbeeld een aantal eisen kunt koppelen als voorwaarde voor het verkrijgen van staatsburgerschap en dus indirect kiesrecht toekent. Denk aan een aantal jaar werkzaam zijn in een land, betrokken zijn bij - of bijdragen aan - de maatschappij en de taal spreken. 

Aanbevelingen voor Brussel

In een internationale stad zoals Maastricht, waar ook 30 jaar geleden het Verdrag van Maastricht werd ondertekend, een belangrijk debat om te voeren met burgers uit de Euregio. Uiteindelijk komen de besproken argumenten uit de debatrondes, kiesrecht voor EU-burgers of eventuele eisen, in Brussel terecht. Deze worden dan dit voorjaar in de vorm van een aanbeveling aan de Europese Commissie en Europese Raad gepresenteerd.